Nederland telt veel alleenwonenden, die de druk op de woningmarkt groot houden. Woningdelen kan een oplossing zijn. Er lijkt voldoende animo voor te zijn, en het kan ook nog eens gunstige effecten hebben voor de volksgezondheid. Dit stellen Piet Eichholz, Linde Kattenberg en Nils Kok (Maastricht University) in een recent artikel in ESB.
Niet alleen bouwen, maar ook delen
Het mantra om de woningnood op te lossen is al jaren ‘bouwen, bouwen, bouwen’. Maar op de korte termijn helpt dat niet veel, vooral gezien de vraag of Nederland wel in staat is om jaarlijks 100.000 woningen te bouwen. Een deel van de oplossing ligt bij de 3,4 miljoen éénpersoonshuishoudens in Nederland, die vaak in woningen van 81 tot 117 m² wonen – veel groter dan wat een gemiddeld jong gezin heeft. Waarom die ruimte niet delen?
Bereidheid om te delen
Uit onderzoek blijkt dat slechts een klein percentage van de alleenstaanden bereid is om een kamer te verhuren: 7,5% van de huurders in corporatiewoningen en 8% van de totale bevolking. Toch levert dit kleine percentage al 72.000 tot 272.000 extra woonplekken voor studenten, starters, ouderen en andere woningzoekenden.
Barrières en oplossingen
Er zijn echter obstakels, zoals huur- en hypotheekcontracten die onderhuur niet toestaan. Minister Mona Keijzer stelde hiervoor de hospitaregeling voor, waarmee korte huurcontracten voor onderhuur mogelijk worden. Daarnaast kunnen gemeenten het probleem van lagere uitkeringen bij samenwonen aanpakken.
Meer lezen?
Eichholtz, Piet, Linde Kattenberg, Nils Kok. Beperk woningnood door woningdelen te stimuleren, ESB (te verschijnen in 2026).